“Brexodus has begun. We EU nationals know staying on is too big a gamble”, artikel van Joris Luyendijk

1 Jul

In april werd verwezen naar een artikel van Joris Luyendijk in NRC over de gevolgen van de Brexit voor EU burgers in de UK. Luyendijk pakt hard uit over de manier waarop de UK regering omgaat met de 3 miljoen EU burgers, en ze geen zekerheid biedt voor een verblijf na de Brexit. Eerder werd met enig recht gedacht dat de status van de EU burgers kon worden gebruikt als ruilmiddel, als “bargaining chips”, bijvoorbeeld tegen visserij rechten, of tegen deportatie van Engelse burgers in de EU. May’s recente verklaring over de positie van de EU burgers klinkt ongeloofwaardig, na alle gedraai voorheen. Net zo gemakkelijk trekt May haar voorstel weer in, als haar dat politiek beter uitkomt. De Brexodus is begonnen aldus Luyendijk in een nieuwe artikel in The Guardian van 29 juni 2017. Citaat:

“The real problem with the offer is not that it is unfair but that it cannot logically be fair. If EU nationals kept all their rights post-Brexit they would end up with more rights than the local population, and find themselves under protection of a foreign court – first-class citizens in a country not their own. The alternative to this is Theresa May’s offer, which effectively means that unless they manage to acquire British citizenship, EU nationals become second-rate citizens in Britain.”

De Brexodus is begonnen, nu nog druppelsgewijs, maar dat zal snel groeien. Luyendijk verwijst naar een studie van Deloitte, deze week verschenen. Daarin wordt gesteld, dat de helft van de EU burgers binnen vijf jaar vertrekt. Een paar citaten uit die studie:

  • “The UK is the most favoured global destination, ahead of the US, Australia and Canada – almost 9 out of 10 rank the UK as quite or highly attractive
  • Job opportunities and diversity are seen as key strengths of the UK
  • Brexit has shifted perceptions – for those based outside the UK, 21 per cent now find the UK less attractive, compared to 48 per cent for those based here
  • Overall, 36 per cent of non-British workers based here are considering leaving in the next five years
  • High-skilled EU workers are most likely to leave – 47 per cent over the next five years”

Nu een meerderheid van het parlement – ook Labour na de verkiezingen – voor een harde Brexit gaat, bezinnen steeds meer EU burgers zich op hun toekomst. Niet het anti-EU sfeertje van de roddelbladen, de eng nationalistische oprispingen, de arrogantie of hate crimes jagen de EU burgers weg. Dat doet pijn maar is niet voldoende om weg te gaan. Het is de onzekerheid over de toekomst van hun baan in de UK, de toekomst van hun partner en kinderen, de eventuele zorg voor hun ouders op het vasteland en ook in het gebrek in vertrouwen in de Engelse maatschappij die fundamentele zaken als volksgezondheid verwaarloost, een regering die bezuinigt op overheidstaken en regels niet handhaaft. Dat speelt allemaal een grotere rol. Een voortgezet verblijf in de UK wordt steeds onaantrekkelijker en vormt een te grote gok. De meeste EU burgers in de UK zijn hoog opgeleid en werken in de UK in overeenkomstige functies, vaak gefinancierd met Europees geld. Die job kun je ook doen in een der EU lidstaten.

Het lijkt verstandig aldus Luyendijk om niet lang meer te wachten met een terugkeer naar de EU, al was het maar om te voorkomen dat je te laat vertrekt en er te veel concurrentie op jouw vakgebied komt door de Brexodus.

Inmiddels is er in NRC (uitgave 1 en 2 Juli 2017) een Nederlandse versie van het artikel verschenen.

 

Advertenties

The uncertainty has settled: nog steeds te zien

10 Jun

De film van Marijn Poels “The uncertainty has settled” draait nog steeds. Op dit blog is in februari 2017 geschreven over de première in filmhuis Lumière in Maastricht. Poels laat de problemen in de Duitse landbouw zien, waar gesubsidieerde windmolens en energiegewassen de plaats innemen van voedingsgewassen als aardappelen. Hij koppelt die problematiek aan de mainstream klimaatpolitiek en gaat op zoek naar de achtergronden daarvan. Die zoektocht zorgt voor veel verbazing bij hem, en waarschijnlijk ook bij de toeschouwer, die niet vertrouwd is met de klimaatdiscussie.

Op de site van Salonkolumnisten staat een uitvoerig interview met hem in het Duits, waarin hij zijn beweegredenen om de film te maken en zijn ervaringen met het klimaatwereldje vertelt.

De film is voor het Nederlands taalgebied nog te zien in juni in Helmond, Gent, Wageningen en Sittard. Meer informatie zoals data en tickets op Poels’ blog over de film.

Trump’s first 100 days: trouble in health care

29 Apr

De gewoonlijke terugblik na de eerste 100 dagen van het presidentschap van Trump wordt in de meeste media negatief gekleurd. Veel heeft hij nog niet bereikt, en enkele beleidsinitiatieven die de kandidaat Trump zo hartstochtelijk heeft bepleit zijn althans voorlopig geschrapt of stuiten op brede maatschappelijke of financiële grenzen.

In de gezondheidssector is het afschaffen van de Affordable Care Act (AFA) de belangrijkste actie. Dat blijft voorlopig nog steken in complexe praktische en politieke gevolgen. De ingrepen in andere verwante overheids taken waarmee hij vooral de defensie uitgaven fors wilt verhogen blijven ook nog even hangen.

In het voor medici belangrijke vakblad The Lancet wordt een editorial gewijd aan de acties in de eerste 100 dagen. Dat is een leerzaam stuk. Ook het ingrijpen in het budget van de EPA en in de vrije keuze van vrouwen om zelf te kunnen beslissen over abortus komt aan de orde. Zijn favoriete conservatieve rechter Gorsuch in het Hooggerechtshof zal daarin belangrijk worden, en niet ten gunste van die vrije keuze. Juist in deze periode is minister Lillianne Ploumen in de US om daar onder andere te pleiten voor het in stand houden van het Bevolkingsfonds van de VN, waaruit voorbehoedsmiddelen worden gefinancierd voor miljoenen vrouwen. Ploumen heeft het dreigende afschaffen direct gepareerd door zelf het initiatief tot een vervangende instantie te nemen.

Wintertemperaturen in 15 landen in Europa: daling of stijging?

15 Apr

Inleiding

Op dit blog is al meerdere malen gerapporteerd over wintertemperaturen, het gemiddelde van de  temperatuur in de maanden december, januari en februari (hier, hier, hier, hier, hier, hier en hier). In het algemeen stijgt zoals bekend de gemiddelde temperatuur op jaarbasis, zeker als de ontwikkeling van de temperatuur in de hele vorige eeuw kan worden overzien. En dat geldt voor veel meteorologische stations. Op kortere tijdsbasis is voorheen  een afname van de wintertemperaturen gemeld, een afname die juist de laatste jaren door warmere winters is verminderd. Tot nu was dit thema beperkt tot data uit Duitsland en Nederland. De vraag komt op hoe zich dat elders in Europa  heeft ontwikkeld. Een blik in historische data reeksen kan wellicht helpen.wintertemperaturen in 15 landen in EuropaVerloop van de wintertemperatuur in vijf landen. Opvallend is het haast synchrone patroon in deze vijf landen, de daling tot ongeveer 1960 en de stijging in de laatste vier decennia.

Data

Die historie kan bij verschillende bronnen worden opgevraagd, zoals bijvoorbeeld bij het KNMI. De Wereldbank heeft een groot overzicht laten maken van de gemiddelde maandtemperaturen van 237 landen verdeeld over de continenten. Daarbij heeft de Wereldbank gebruik gemaakt van diverse bronnen, waaronder het GHCN, het Global Historical Climatology Network bij het NOAA, waar maandelijkse gemiddelden voor geselecteerde stations worden bewaard na correctie. Correcties waartegen nogal eens wordt geageerd, omdat die correcties meestal het beeld van de opwarming versterken, door onder andere verlaging van temperatuurdata uit de jaren dertig en veertig van de vorige eeuw.

De data van de Wereldbank reiken van 1901 tot 2012. Hoe de maandtemperaturen tot stand zijn gekomen wordt niet duidelijk gemaakt op de betreffende site. Als check zijn de data voor Nederland (2 stations) vergeleken met gemiddelden van vijf Nederlandse stations met een lange meetreeks, waarover eerder is geschreven. De afwijking tussen de twee datareeksen is minimaal, met een grootte orde van de afwijking van honderdsten tot tienden van een graad. Voor het vervolg wordt aangenomen, dat de datareeksen een voldoende betrouwbaar beeld geven; de middeling over drie wintermaanden zal enige afwijkingen overigens ook deels maskeren. Voor het overzicht willen we van vijftien Europese landen de data verzamelen en bewerken.

Om het beeld tot en met de laatste winter te completeren zijn data betrokken uit de databank van het GHCN. Het kost enige moeite om daaruit de data per land te extraheren, in dit geval voor de vergelijking tussen vijftien Europese landen.

In alfabetische volgorde: Oostenrijk (AUT), België (BEL), Zwitserland (CHE), Tsjechië (CZE), Duitsland (DEU), Spanje (ESP), Frankrijk (FRA), Groot Brittannië (GBR), Hongarije (HUN), Italië (ITA), Luxemburg (LUX), Nederland (NLD), Polen (POL), Portugal (PRT) en Slowakije (SVK). Het aantal stations waarover wordt gemiddeld varieert nogal:tabel1

Grafieken en commentaar

In de volgende grafieken is het verloop van de gemiddelde wintertemperatuur weergegeven voor twee perioden: vanaf 1901 (=winter 1901-1902) tot 2016 (=winter 2016-2017), en van 1985 tot 2016. Een periode van dertig jaar wordt algemeen als maatgevend beschouwd voor klimaat  indicatoren. Door de grafieklijn is een smooth trendlijn getrokken in de zelfde kleur met een 95% betrouwbaarheidsinterval in een iets lichtere kleur. Voor de overzichtelijkheid zijn de vijftien landen opgedeeld in drie grafieken. Indien hierna niet anders benoemd is temperatuur de wintertemperatuur.

vgl 2 periodes AUT-DEU

In deze groep landen stijgt de temperatuur geleidelijk, met een lichte stijging vanaf ongeveer 1985 en een wat sterkere stijging in Oostenrijk en Zwitserland vanaf 2005 respectievelijk  2010. In België, Tsjechië en Duitsland lijkt een stabiel niveau te komen vanaf 1985, iets hoger dan in de jaren voor 1985, met overigens vergelijkbare verlopen.

vgl 2 periodes ESP-ITASpanje vertoont een iets afwijkend patroon. Na een geleidelijke stijging tot 1990 daalt de temperatuur, in de periode 1985-2016 met bijna een graad. Frankrijk en Italië vertonen een vergelijkbaar patroon met een redelijk stabiele lijn, gevolgd door een scherpe stijging vanaf 2010. Groot Brittannië vertoont eveneens een stijging vanaf 1985. In Hongarije is sprake van een lichte en geleidelijke stijging, terwijl de temperatuur in de periode 1985-2016 stabiel lijkt.

vgl 2 periodes LUX-SVK

Luxemburg had rond 1920 relatief warme winters, daarna een lichte daling gevolgd door een lichte stijging, en vanaf 1980 een stabiel  verloop. Datzelfde geldt voor Nederland. België, Nederland en Luxemburg  (en Duitsland,  Tsjechië en Slowakije) vertonen een vrijwel  zelfde verloop in de tijd, uiteraard op verschillende temperatuurniveaus. Ook Polen laat een vergelijkbaar verloop zien. Portugal past goed bij de ontwikkelingen in Frankrijk en Italië, en merkwaardigerwijze niet bij dat van Spanje. Slowakije’s patroon  komt dan weer veel overeen met het patroon  van Hongarije.

De samenhang tussen de temperatuurpatronen wordt duidelijk uit een correlatie-berekening tussen de temperaturen in de 15 landen:

CorrelatiediagramVan de 105 correlaties zijn er 13 hoger dan 0,90 en geel gemarkeerd, 40 correlaties liggen boven 0,80 en 57 boven de 0,70. Dat duidt in algemene zin op grote overeenkomsten van het temperatuurverloop tussen die landen, en getuigt van grootschalige weer patronen. Lichtblauw zijn de correlaties onder de 0,50, en die duiden op een zwakke relatie tussen de temperatuur verlopen in die landen.

Overzicht van lineaire trends

De smooth trend en de correlaties zoals hierboven geven al een goed beeld van de ontwikkelingen en samenhangen. Een lineaire trend geeft wat meer kwantitatieve informatie, bijvoorbeeld voor de lange tijdreeks 1901-2016:tabel2 lin trendDe trend wordt aangegeven in eenheden per jaar, dus in °C/jaar. Een trend berekening die meer rekening houdt met de afhankelijkheid van de individuele data is de Theil-Sen trend. In de eerste rij de Theil-Sen trends voor 1901-2016, in de tweede rij voor 1985-2016:tabel3Ofwel omgerekend in aantal graden over de hele periode (116 resp. 31 jaar):tabel 4Uit deze laatste tabel valt af te lezen hoe sterk de temperatuur verandering is geweest in de afgelopen dertig jaar. Voor alle landen met uitzondering van Spanje is sprake van een toename van de temperatuur in de korte tijdreeks 1985-2016.

In de jaren 2012, 2013, 2014 en 2015 waren de temperaturen in veertien van de vijftien landen hoger dan normaal, met uitzondering van Spanje. Dat maakt dat in de periode 1985-2011 op veel plaatsen nog sprake was van een afname in de temperatuur of een redelijk stabiel patroon. De toevoeging van de vier warmere jaren doet de trend in de meeste landen omslaan naar plus. Hier ter illustratie Zwitserland, Tsjechië, Duitsland en Nederland:CHE 3 periodesCZE 3 periodes

DEU 3 periodes

NLD 3 periodes

Boven in de grafieken zijn de lineaire regressievergelijkingen weergegeven, met positieve trends voor 1901-2016 en 1985-2016 en een negatieve trend voor de periode 1985-2011.

Conclusie

Stijging of daling van de wintertemperatuur. Het blijft toch sterk afhankelijk van hoe de data worden benaderd. Eens te meer blijkt, dat het kiezen van een zekere periode de uitkomst van de analyse sterk bepaalt. Het lijkt beter om af te zien van het gebruik van korte tijdreeksen zoals  1985-2011 of 1985-2016 en van de trend analyse op die tijdreeksen. Langere tijdreeksen laten het verloop beter zien. Dertig jaar is voor de mens wellicht een nog te overziene periode, maar het klimaat is nou eenmaal veranderlijk op een lange tijdsbasis en ook de voor het beschouwen van een mogelijke trend als voldoende geachte  tijdreeksen van dertig jaar lijken niet te  voldoen.

Trump en de neergang van de EPA, vervolg – 3

4 Apr

Het budget voor de EPA voor het komende fiscale jaar wordt door Trump gekort met 31%. Er circuleert een gedetailleerd document van de EPA leiding, waarin de kortingen per onderwerp en programma worden benoemd. De boodschap hierbij is de gewenste terugkeer tot de core business van de dienst. Alleen nog de wettelijke taken, en wat gedaan kan worden door de staten en regionale diensten dient vooral door die te worden uitgevoerd. De korting gaat ten koste van ongeveer 20% van de huidige bezetting aan FTE’s, ruim 50 programma’s worden geëlimineerd, waaronder de inspanningen op het gebied van het klimaat en programma’s op het gebied van water- en luchtkwaliteit, zie de lange lijst in Attachment B.

Met deze ingreep worden programma’s die jarenlang – soms al decennia – lopen geschrapt of op zijn best opgedrongen aan lokale autoriteiten. De redenen op grond waarvan de EPA die taken op zich had genomen was meestal het uitblijven van acties door juist die lokale diensten. Daarmee zakt de kwaliteit van het milieu voorspelbaar tot de oude, slechte niveaus. Een voorbeeld van de gevolgen van twee van die geschrapte programma’s wordt uitgebreid behandeld in de Washington Post: de problemen rond Chesapeake Bay en de Grote Meren. Dit overzicht geeft al aan hoe in de tijd uit de hand gelopen milieuproblemen zich ontwikkelen tot grote maatschappelijke kwesties. Het simpel schrappen van budgetten, in de hoop dat lokale autoriteiten de problemen wel zullen opsoppen is naïef, en weer zo’n voorbeeld van ondoordacht optreden van de Trump administratie.

Wordt vervolgd…..

De Brexit volgens Joris Luyendijk

30 Mrt

Joris Luyendijk is onder andere correspondent van NRC in de UK, maar produceert ook artikelen over bijzondere onderwerpen in The Guardian, zoals over het ondoorzichtige financiële wereldje in Londen. Later in boek en documentaire samengevat onder de titel “Dit kan niet waar zijn”. Boek en film laten zien hoe mensen zich gedragen eenmaal gevangen in een competitief systeem. Zij doen wat het systeem hen opdringt, als brave uitvoerders zonder enige scrupules. Dat is niet typisch Engels, maar laat wel zien hoe zoiets werkt.

In een opinieartikel in NRC schrijft Luyendijk over de Brexit, en ook hier vind je sporen van een zelf gecreëerd systeem waar mensen zich in laten vangen, in dit geval in een net van “leugens, manipulatie en racistisch gehits”.

In de UK leven circa 3 miljoen EU burgers, die speelbal dreigen te worden in de Brexit onderhandelingen. Er wordt met hun belangen een smerig spelletje gespeeld, verzoeken om soms na tientallen jaren verblijf in de UK een verblijfsvergunning te krijgen worden nogal eens beantwoord met de aanwijzing om “je koffer maar te pakken”.

Als een van die 3 miljoen “bloody foreigners” heeft Luyendijk een fijne antenne ontwikkeld en in zijn opinieartikel pakt hij hard uit over de stommiteiten rond het referendum, de misleidende campagne van de Leavers, en de wereldvreemdheid, arrogantie en onbenulligheid van de huidige regering in de aanloop naar de Brexit onderhandelingen. Luyendijk oordeelt dat de UK als land niet meer serieus genomen kan worden, en hij geeft daar stevige argumenten voor.

Een goed artikel dat nog eens de beslissende momenten van de huidige status de revue laat passeren. Om nog eens vaker te herlezen in de komende twee onderhandelingsjaren.

Trump en de neergang van de EPA, vervolg – 2

28 Mrt

De volgende klap voor de EPA is een reductie van 31% op het jaarlijks budget. Die ingreep, naast andere bezuinigingen op de federale instituties, moet dollars vrijmaken voor een additioneel defensie budget van 54 miljard, dat is ongeveer 10% extra (in Nederland gehele budget 7 miljard per jaar!). De bezuiniging is bedoeld voor het komende jaar, al zal de volksvertegenwoordiging er dan hard aan moeten trekken om dat te halen. Zo’n gat in de begroting kan alleen maar gepaard gaan met ontslag van medewerkers, stopzetting van programma’s en inhuur van derden. Kortom een enorme aderlating, bedoeld om de EPA uit te schakelen.

Een  van de eerste acties was het per direct schrappen van een grote enquête naar gas- en olieproducenten vooral over hun methaan emissies en productieapparatuur. Eerst maar eens kijken of die vragen wel ergens toe dienen, vindt Pruitt de nieuwe EPA chef, vroeger, in de tijd van Obama dè grote kwelgeest van de EPA.

Pruitt vindt ook dat het nu tijd wordt voor verandering, want: “We have made tremendous progress on our environment, we can be both pro-jobs and pro-environment.” (interview 26 maart 2017). Zoals bekend wilt Trump de kolenindustrie nieuw leven inblazen. Zo wilt Trump zo snel mogelijk het storten van mijnafval van bijvoorbeeld mountain top mines in oppervlaktewater weer toestaan. Die rivieren kunnen kennelijk weer wat verontreiniging verdragen, aldus Trump.

Hij beschuldigt de Obama regering van  het vernietigen van de kolenindustrie door scherpe milieuwetgeving. Enige bekendheid met de capaciteit van de kolenmijnen en overzichten van bestaande en in de loop van de tijd gesloten mijnen in de grote kolenbekkens en uitlatingen van de kolenindustrie maakt duidelijk, dat er meer sprake is geweest van onrendabele exploitatie door technologische achterstand, zeker na de in productieneming van shale gas velden.  Ook de grote kolenbaas Robert Murray zegt in the Guardian van 28 maart 2017 dat het meer ligt aan slechte rentabiliteit en concurrentie van shale gas, dan aan wetgeving, waardoor zoveel mijnen en kolencentrales zijn gesloten.

Het korten op het EPA budget verhoogt de kans op overtredingen van milieu- en veiligheidswetten. Nu al wordt het federaal toezicht op de mijnen (vergelijkbaar met ons Staatstoezicht op de Mijnen) gekapt, de staten moeten het toezicht maar zelf regelen. En daar worden dan nu wetten ingediend in de betreffende parlementen die het per staat te regelen toezicht tot dode letter gaan maken. In de loop van de jaren was dat toezicht vanuit de federale overheid al minder geworden door druk vanuit de kolensector, hoegenaamd gedreven door slechtere economische omstandigheden. Dat heeft alweer geleid tot toename van het aantal ongelukken en doden, om maar te zwijgen van de longaandoeningen bij mijnwerkers, die we in van de kolenmijn industrie in Zuid-Limburg maar al te goed kennen.

Update 29 maart 2017

Gisteren heeft Trump een executive order afgekondigd waarin de verschillende acties verder worden beschreven. Dat moet de weg vrijmaken voor de herintroductie van de kolenindustrie en een eind maken aan de Amerikaanse klimaatpolitiek. Alle federale bureaus zoals de EPA moeten op korte termijn kenbaar maken hoe ze invulling geven aan dit decreet. De tekst is lang. Sla de inleidende teksten maar over en lees vooral de tekst vanaf Sec. 3. Als dit decreet net zo’n succes wordt als zijn immigration ban, dan kan het effect nog wel meevallen……